Geplaatst in Blog

De kaartendans

Sinds een jaar werk ik mee als ervaringsdeskundige aan de online cursus Multiple Sclerose. Via Teams, voor mijn voormalig werkgever, een half uurtje per keer.

‘Ervaringsdeskundige’..ik blijf het een vreemd woord vinden.
Iedereen doet toch ervaringen op? Wat maakt je dan ‘deskundig’?
Maargoed. Ik vind het heel leuk om een half uurtje achter mijn laptop te zitten en bevraagd te worden op van alles wat met MS en begeleiden te maken heeft.
Hoe ik ermee omga, wat over mezelf babbelen..
Soms zie ik nog wat directe oud-collega’s en net als ‘vroeger’ kan ik meedenken over begeleidingssituaties.

Na een half uurtje is mijn koek op. Laptop aan de kant en onderuit.
Terwijl ik op de bank lig, denk ik nog eens na over vragen die gesteld zijn, de antwoorden die ik heb gegeven. 

Ik moet denken aan een cursus die ik een aantal jaren geleden zelf heb gehad, over copingstrategieën. De cursusleider stelde de inspirerende vraag: ‘hoe ga je om met de kaarten die je krijgt toebedeeld?’
Daar gaat dit verhaal over.

Suske en Wiske, De Kaartendans, Willy Vandersteen. Verder wat speelkaarten van Walt Disney.

Kaarten

Als kind heb ik veel gekaart. Hartenjagen, klaverjassen, jokeren, pesten, toepen.
Soms haalde ik de regels wat door elkaar. Ik kon het niet zo goed, maar het fascineerde me wel. De klop op de tafel, de uitroep ‘broedermoord!’. De beschuldiging ‘je hebt verzaakt!’. Alsof er nog een hele wereld aan verhalen achter het spelletje schuil ging. Een mooie, trots uitgesproken zin als ‘de boer is troef’.
Of een triomfantelijk, meedogenloos: ‘jullie zijn NAT’. In de sloot gekieperd. Zo voelde het dan.
De schrik als de zwarte, schoppenvrouw op tafel kwam… die dame had niets zwarts aan. Maar als je haar toebedeeld kreeg, kreeg je ontzettend veel strafpunten.
Bij hartenjagen dan.

Ik droom een beetje weg en denk aan de Schoppenvrouw..

Verschillende Schoppendames: links van een poster van de opera van Tsjaikovski, rechts een Engelse speelkaart en in het midden een Franse.

De Schoppendame

Ik zit in mijn boudoir en kijk in de spiegel.
De mottige, donkerrode kamerjas heeft zijn beste tijd gehad.
Net als ik.

Mijn kleindochter komt de kamer binnen stappen.Vrolijk als altijd.
Het lijkt alsof ze de kamer verlicht met haar sprankelende aanwezigheid. Terwijl ze de ramen open zet, vertelt ze honderduit over de jongeman waar ze al een tijdje contact mee heeft.
Vanmiddag komt hij eindelijk langs, gezellig.
In de keuken maken we samen allemaal koekjes, broodjes en soep. 
Dan wordt er geklopt op de deur. 
Nou, daar zal je hem hebben. 
‘Veel plezier, schat!’
‘Nee oma, blijf zitten. Ik vind hem superleuk, maar ken hem nog niet zo goed. Ik wil graag weten wat je van hem vindt.’

Hij blijkt niet echt een prater. Stil, maar onrustig.
Belangstelling voor mijn kleindochter is er wel, maar niet meer dan dat. Misschien is hij onzeker, ik weet het niet. 
Op verzoek van mijn kleindochter vertel ik verhalen. Een onderdeel van mijn oude werk: babbelen en luisteren. Nu dus vooral babbelen.

De test

De jongen gaat pas ‘aan’ als ik vertel over mijn kaartverleden.
Er valt ook veel smeuïgs te vertellen: bijzondere ontmoetingen, veel verloren, veel gewonnen. In alle opzichten. Veel..
Ineens trekt de jongen zijn mond open.
‘Klopt het dat u het geheim kent van de drie winnende kaarten?’
Ah! Jammer. ‘Er bestaan geen winnende kaarten. Geen één. Laat staan drie.’
‘O. Dat had ik gehoord.’
Ik zie dat hij wat met zijn handen loopt te frunniken.
‘Dat kan. Het is allemaal flauwekul. Ik heb het zelf bedacht.’ 
Hij kijkt me nu recht aan. Eén en al ongeloof.
Ik lach, bijna verontschuldigend: ‘Stel je eens voor: hoe mooi zou het zijn als er kaarten zouden bestaan waardoor je nooit iets zou hoeven verliezen?
Dat er alleen nog maar iets te winnen valt..’
Mijn kleindochter en hij turen wat glazig voor zich uit. Zij aan vergezichten met roze hartjes en hij ongetwijfeld aan iets anders.
Ik help ze wel even uit hun droom: ‘Tja, de gedachte is leuk, maar die kaarten bestaan dus niet.’
‘Echt niet? Maar..’ Hij kijkt beteuterd. 
‘Echt niet. Wat dacht je dan? Het enige wat het verschil maakt, is hoe je omgaat met de kaarten die je krijgt. Ongeacht welke kaarten dat zijn.’
De beteutering is nu omgeslagen naar diepe teleurstelling.

Mijn kleindochter haalt haar schouders op.
Ik geef haar een knipoog. Tijd voor de test.
Ik kijk hem nu indringend aan.
‘Als je me niet gelooft, denk dan aan de 3, de 7 en de aas. Ik hoop dat het een rijke les zal zijn..’
Mijn kleindochter lacht. Tot ze de eurotekens in zijn ogen ziet.

Diezelfde avond, in het casino

‘All in op de 3’, zegt de jongeman. Zachtjes, schuchter.
Even proberen. Misschien klopt het.
De hele tafel kijkt gespannen naar de kaart die wordt omgedraaid..
Het ìs een 3.
Hij lacht. Voor het eerst, die dag.
Dus toch.. Opgewonden grist hij het gewonnen geld naar zich toe, om het vervolgens weer van zich af te schuiven.

‘All in op de 7!’, roept hij.
Mensen stoten elkaars schouders aan, wijzen, draaien hun hoofd.
Om de tafel is het nu dringen geblazen. Iedereen wil zien wat er gebeurt. 
De kaart wordt omgedraaid..
Het ìs een 7!
De jongen weet het nu zeker: ìk weet het geheim van de winnende kaarten! Dat heb ik die ouwe tang tussen dat eindeloze gebabbel toch mooi weten te onfutselen!
Als Dagobert Duck strooit hij zijn pas gewonnen rijkdom over zich heen.
Hij hult zich in weelde. Om vervolgens diezelfde weelde weer voor zich uit te schuiven. Op naar de volgende glorieuze ronde.

‘All in op de aas!!’, schreeuwt hij nu.
Het is een drukte van belang. De spanning stijgt.
Mensen buitelen over elkaar heen om geen glimp te hoeven missen. Iedereen houdt zijn adem in als de kaart wordt omgedraaid.. De aas, de aas, het is de aas..
Het is..de Schoppenvrouw.
Hè?! Alles kwijt. Maar dat kan toch niet? En.. Maar…die dame, ze lijkt wel op..
Hij kijkt nog eens goed. Zijn ogen worden groot. 
Gaf ze hem nou een knipoog??

Voor dit verhaal van de Schoppenvrouw heb ik me laten inspireren door de gelijknamige novelle van Aleksander Poesjkin.
Daarin staat ‘de jongeman’ centraal. Ik heb gekozen voor het perspectief van de Dame.


Terug naar nu

Als ik weer wakker word, blader ik nog wat suf door mijn agenda.
De online cursus is volgende maand voor het eerst fysiek!
Ga ik ook een kleine bijdrage aan leveren. Voor mij is het een experiment.
Geen idee hoe lang ik het volhoud, hoeveel dagen het me kost.
Heel leuk en toch ook spannend.
Van tevoren weet ik de vragen meestal niet. Kan van alles zijn. Hoe kom je de dagen door? Hoe bereid je je voor op zo’n cursus? Hoe zou je jezelf begeleiden? Wat helpt?

Hoe ik omga met de kaarten die ik toebedeeld krijg?
Nou, gewoon.

4 gedachten over “De kaartendans

  1. Lieve Christine,
    tot nu toe alle blogs van je gelezen. Iedere keer weer wilde ik een reactie plaatsen met hoeveel bewondering en respect naar jou toe, ik dit allemaal lees. Ik had er echter geen woorden voor en ben slecht in het schrijven van wat er dan in mij omgaat. Toch wilde ik vandaag wel een reactie geven, vraag niet waarom.
    Lieve Christine, ik heb ontzettend veel bewondering voor je. Je schrijft mooi, toegankelijk en makkelijk leesbaar. Wij hebben nooit veel contact gehad, maar als mijn oudste nicht, geef ik wel erg veel om je en leef met je mee, al is het niet zichtbaar.
    Liefs, Dinah

  2. Hoi lieve Christine Ik heb je verhaal met veel met bewondering gelezen.Je schrijft met humor,dus ik lees het met plezier.Ik bewonder je moedt en doorzettings vermogen ,petje af. heel veel liefs,we houden van je lieve schoondochter

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s